Gewoon een angstaanval…
Mijn hartje klopt, helaas niet vol verwachting, maar eerder zowat mijn borstkas uit. Jawel, het is zover… Ik zit tegen een onvervalste panieker aan. Met alle macht probeer ik me nu in mijn kop te prenten dat ik aan het hyperventileren ben. Een Oxazepam zwerft inmiddels ook al ergens in mijn lichaam in de hoop dat de boel zo toch weer wat kalmeert. Voor nu echter: hel op aarde!
Het is onbeschrijflijk wat een potje flink hyperventileren met een mens kan doen. De reden dat ik toch achter mijn computer zit te typen? Afleiding zoeken! Al voelt het voor mij alsof ik aan mijn laatste testimonial bezig ben. Iedereen kan zeggen dat ik niet dood neer zal vallen, mijn lichaam voelt aan alsof het tegenovergestelde het geval is.
Het is niet alleen dat hart wat zo ongeveer ter hoogte van mijn keel klopt, het is ook de pijn die door mijn hele armen trekt. Benauwd, terwijl ik toch echt een teveel aan zuurstof in mijn lijf en ledematen schijn te hebben, en naar adem happend als een logge walvis op het droge. (Ja, ook in tijden van paniek ben ik me ten volle bewust van mijn uitermate charmante Rubens-figuurtje!) Tintelingen in mijn vingers, kramp in mijn voeten, benen en tenen en een heel irritant prikkelend en tintelend puntje van mijn neus. Ook hier weer in het nadeel, want hoe groter de neus, hoe groter het tintelende puntje!
Slikken kost me alle moeite, wat hilarisch is voor omstanders als je een Oxazepam tot je probeert te nemen. Aan de andere kant, met omstanders krijg ik zo’n pil weer een stuk makkelijker door mijn strot geduwd en op de ergste momenten zijn er natuurlijk nergens omstanders te vinden. Bij gebrek aan publiek fantaseer ik me er echter lustig op los hoe publiek me nu zou bekijken? Neem mijn pogingen mijn angstaanval onder controle te houden eens op voor live televisie en ik versla de vroegere Lama’s met gemak. Laat staan Toon Hermans, Youp van ‘t Hek of Theo Maassen. Als paniekgestoorde beschik ik over uitermate komische talenten.
Niet dat ik die talenten nu zelf 1, 2, 3 doorheb, maar ik kan me er iets bij voorstellen. Als een wilde stamp ik rondjes door mijn kamer, waarbij een olifant in een porseleinkast teniet valt. Ook lijkt het alsof ik met mijn rechterhand mijn hart probeer op te pompen, zo zit ik ‘m daar te knijpen. Helaas letterlijk te knijpen, wat gegarandeerd weer wat blauwe plekken gaat opleveren. Ondertussen brabbel ik nijdig in en tegen mezelf. “Pokkewijf” en “trut” zijn veel gebruikte termen, want ik word pisnijdig van mijn eigen gehijg.
Op afstand lijkt het alsof je in het Spoorwegmuseum staat en je zo direct getuige gaat zijn van een rit van de meest lawaaiige stoomlocomotief. Teleurstellend als je dan een klein vetpropje voorbij ziet stomen, pufhijg pufhijg. Met behulp van een peuk probeer ik dan wel weer de stoomwolkjes na te bootsen. Niet om de mensheid te plezieren en ze toch nog het idee te geven naar die trein te staan kijken, wel omdat ik nog steeds denk dat die verdamde rookwaar me iets rustiger weet te krijgen. Dat die peuk ergens tussendoor met veel nijd weer wordt uitgedrukt zegt genoeg over het daadwerkelijke effect. Nou ja, altijd beter mijn woede af te reageren op een peuk!
Die Oxazepam weet ik er met veel geklok en geproest in te krijgen. Als ik te ver zit niet eens meer, dan spuug ik die slok water uit als de Niagara-waterval haarzelve. Gevolg is dat de ô zo hard nodige kalmerende pil ergens in de riolering verdwijnt. Ik wil niet weten hoeveel ratten inmiddels verslaafd zijn aan de slaapmedicatie daar ondergronds. Soms bel ik daarom op de meest onmogelijke tijden mijn oude trouwe paps maar weer op, met het idee dat ik tenminste iemand aan de telefoon heb als ik stik.
Dan heb ik het nog niet eens gehad over de duizelingen, de band die om je borst heen wordt aangetrokken en alle andere bijverschijnselen die een mens in doodsangst denkt te voelen. Wieke tijdens een opkomende paniekaanval? Tja, een stoomlocomotief in de vorm van een kamerolifant druk heen en weer puffend, terwijl ze haar lichaam via de hartstreek staat op te pompen om haar eigen imitatie van de Niagara-waterval proberen te overleven, als drijvende JumboJet.
Angst en paniek, irreëel, maar zeer echt aanvoelend. Ik wens het niemand toe, maar toch… Als ik dan denk aan een frank en vrij in het rond hupsende Joran van der Sloot, dan vind ik de wereld soms wel héél oneerlijk verdeeld! Maakt dat me een slecht mens?
Ik haat die paniekstoornis!
Wat een drama is het toch altijd weer he, ondanks dat wij paniekvogels precies weten wat er gebeurd en hoe onterecht de paniek en angst is gaan we er volledig in op en mee..het is zo’n allesoverheersende rot emotie!! ik heb er alles voor over om hiervan af te komen..mijn moeder zegt altijd ”haat is een lelijk woord” maar ook ik HAAT mijn paniekstoornis en de gevolgen ervan, ik haat het uit mijn tenen!!!!
Thanks for the compliment. It’s exactly the meaning of my blog, so a bigger compliment you can’t give me!
I like the approach you took with this subject. It’s not typical that you just find something so to the point and enlightening.